Zonder de taal kun je geen onderdeel worden van Nederland

25 april 2017
door Regina Coeli

“Het is vaak fietsen met tegenwind”, zegt UAF directeur Mardjan Seighali over het pad dat vluchtelingen afleggen om in Nederland een nieuw bestaan op te bouwen. Het leren spreken van de taal is een belangrijke voorwaarde om onderdeel te worden van de Nederlandse samenleving. Mardjan heeft het zelf ervaren. In 1991 vluchtte ze vanuit Iran naar Nederland waar ze - mede met hulp van het UAF - een mooie carrière opbouwde. Inmiddels staat ze aan het roer van de oudste vluchtelingenorganisatie van Nederland en vertelt ze graag welke rol taal speelt in het integratieproces.

Waarom is taal zo’n belangrijk onderwerp voor het UAF?

“Taal is een brug die een verbinding maakt tussen wat zich afspeelt in jouw wereld en daar buiten. Met taal geef je uiting aan wat er omgaat in je hart en je hoofd. Zonder de Nederlandse taal kan je geen onderdeel worden van de wereld waar je eigenlijk naar verlangt.

De politiek stelt eisen aan inburgering en aan het taalniveau van vluchtelingen. Dat is terecht, maar taal gaat om veel meer. Ik vind goede beheersing van de Nederlandse taal noodzakelijk en veel vluchtelingenstudenten vinden dat ook. Je hebt Nederlands nodig om hier een studie te kunnen doen en om straks ook goed te kunnen functioneren in een baan. Maar vergeet niet dat een goede taalbeheersing ook nodig is om je intellectueel te kunnen blijven voeden. Mensen lezen graag boeken, poëzie, wetenschappelijke artikelen. Niet alleen in hun eigen taal, maar ook in de taal van het land waarin zij leven.

Zonder de Nederlandse taal leer je Nederland niet echt kennen

Kortom een goede taalbeheersing is een ongelofelijk belangrijke investering in je toekomst. Wij zien dat onze studenten heel graag een bijdrage aan de Nederlandse samenleving willen leveren. Dat kan alleen als je de taal goed spreekt.  Taal is ook een belangrijke voorwaarde voor een dialoog. En dialoog creëert begrip, respect, saamhorigheid, vertrouwen en solidariteit.”

Wat doet het UAF om het leren van de Nederlandse taal te stimuleren?

“Wij creëren voor vluchtelingenstudenten de voorwaarden om de taal snel en goed te beheersen. Het UAF biedt hen de mogelijkheid om de Nederlandse taal in korte tijd te leren. In samenwerking met diverse taalinstituten bieden wij taalcursussen aan waarin vluchtelingen snel en effectief Nederlands leren. Van 0 tot B2. Groepslessen hebben als voordeel dat deelnemers met en van elkaar kunnen leren. Wij zijn heel erg blij met het prachtige aanbod van Regina Coeli om studenten een intensieve cursus aan te bieden. Wat deze training zo bijzonder maakt is dat deze helemaal op de individuele vraag van de student is toegesneden en je helemaal wordt ondergedompeld in de taal. Dan leer je een taal natuurlijk echt goed.”

Welke hobbels moet een vluchteling nemen om goed te leren communiceren in de Nederlandse taal?

“Het leren van een taal op volwassen leeftijd is per definitie een ander leerproces dan het natuurlijke proces van een kind dat zijn moedertaal leert. Een volwassene beschikt weliswaar over kennis en ervaring met de eigen taal, toch is het leren van een nieuwe taal in een volkomen nieuwe leefomgeving een hele opgave. Hoe snel en succesvol je een nieuwe taal leert, wordt niet alleen door leeftijd bepaald, maar vooral door je motivatie. Aan die motivatie ontbreekt het onze studenten meestal niet. Maar ook je mentale conditie (hoe fit ben je) is van invloed op de leercapaciteit en het geheugen.

Ik weet uit ervaring dat het een opgave is om te studeren in een vreemde taal en leefomgeving. Daarbij onzeker te zijn over je eigen toekomst in Nederland en zorgen te hebben over je familieleden in het land van herkomst! En dat alles soms ook nog eens te combineren met de zorg voor je kinderen c.q. gezin in een nieuwe leefomgeving. Dit is voor veel van onze vluchtelingenstudenten de dagelijkse praktijk.

Nederlands is ook geen makkelijke taal. Bedenk daarbij dat veel vluchtelingen vaak nauwelijks of geen netwerk hebben om de taal in de dagelijkse praktijk te oefenen.”

Wat zijn culturele aspecten waar vluchtelingen vaak tegenaan lopen in hun communicatie met Nederlanders?

“Taal en cultuur zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. In sommige culturen is het bijvoorbeeld niet beleefd om veel vragen te stellen aan een nieuwe kennis. Ik heb sinds kort Engelse les. Wat ik mooi vind bij de Engelse lessen zijn de culturele componenten. Je leert naast de taal steeds ‘What is polite?’.

Iedere taal heeft zo zijn eigenheid. In sommige culturen leer je beschouwend of indirect je standpunt te formuleren. In Nederland, zeker in deze tijd van informatieovervloed, wordt een kort en bondig taalgebruik meer gewaardeerd. Wil je effectief communiceren, dan is de taal leren spreken één aspect maar moet je ook andere spreekvaardigheden verder ontwikkelen en je aanpassen aan je taalomgeving.”

Hoe bereidt het UAF vluchtelingenstudenten daarop voor?

“We zeggen tegen hen: grijp je kansen en laat je zien, laat je horen, laat merken dat je met je levensbagage veel te bieden hebt. Je moet het zelf doen, maar je staat er niet alleen voor. Maak gebruik van de mensen die er zijn, help hen om jou en jouw wereld te begrijpen.

Dat leer je vooral door er op uit te gaan. Nederlanders op te zoeken. Actief te zijn en mee te doen. Je moet niet onzichtbaar zijn en wegkruipen. Wij hebben ook vrijwilligers die als taalmentor een vluchteling begeleiden. Een voorbeeld is een Utrechtse studente die een vluchteling uit Rwanda begeleidt. Hij is hier nog maar net en kent geen Nederlanders. Ze oefenen nu samen de taal.”

Wat is je eigen ervaring met het leren van de Nederlandse taal?

“Op mijn vijfde dag in Nederland kocht ik een woordenboek in een winkel voor tweedehands spullen. Het was een beduimeld exemplaar van grof bruin papier met gescheurd kaft maar ik was er gelukkig mee. Ik dacht bij mijzelf “hier zitten alle woorden in die ik nodig heb om me verstaanbaar te maken in mijn nieuwe land”. Dat dacht ik aanvankelijk! Ik had vanuit huis een goede taalbasis meegekregen. Mijn vader had grote passie voor poëzie en literatuur. Mijn moeder was verslaggever en zeer kritisch op taalvaardigheden en het gebruik daarvan. Met een goede taalbasis vanuit mijn moederland, een woordenboek en inzet moet ik toch in staat zijn om de taal snel “onder de knie te krijgen”. Dat waren mijn eerste gedachten.

Ik heb Nederlands geleerd door woord voor woord boeken te spellen. Zonder echte taalcursus. Voor mij markeerde mijn studie een nieuwe fase in mijn leven. Ik heb ervaren dat het niet gemakkelijk was, maar dat je met extra inzet, moed en doorzettingsvermogen kansen kan creëren voor een nieuwe toekomst. Een Perzisch gezegde luidt: De zeiler neemt de wind zoals hij komt en toch bereikt hij zijn doel.

Ik kan mij goed herinneren dat ik een tekst gemiddeld vier of vijf keer moest lezen om de hoofdlijnen te kunnen onderscheiden, deze ook te begrijpen en ze in de context te kunnen plaatsen. Het was een intensieve maar zeer leerzaam tijd. Het leren en begrijpen van een lidwoord?! Ach, dat was en blijft een opgave. En dan de uitspraak van woorden. Ik weet hoe het voelt als je aangesproken wordt op verkeerd taalgebruik, vooral als de zender superioriteit uitstraalt als hij of zij je voorziet van feedback. Het gevoel dom en achtergesteld zijn, bekroop mij in die tijd ook vaak. Maar ik stelde altijd hoge eisen aan mijzelf. Ik had en heb een grote passie voor literatuur, geschiedenis, poëzie en taal. Lezen, lezen en nog eens lezen. Niet omdat het moet, maar omdat ik ook oprecht geïnteresseerd ben. Dit heeft mijn woordenschat en taalkennis vergroot.”

Wat waren voor jou culturele aspecten en omgangsvormen waar je erg aan moest wennen?

“Ik moest mijn communicatiestijl aanpassen. Er zat en zit nog steeds een ‘Perzisch gen in mij’. Ik ben geneigd om ‘lang van stof te zijn’ en veel te filosoferen. Ik heb mij altijd vrij gemakkelijk bewogen in de Nederlandse samenleving. Natuurlijk heb ik inmiddels meer inzicht in de maatschappelijke infrastructuur.

 

Maxima is behoorlijk bekritiseerd op haar uitspraak dat dé Nederlander niet bestaat. Zij heeft gelijk. Je hebt ook in Nederland verschillende culturen en omgangsvormen. Mijn eerste ervaringen in een wijk met veel armoede, werkloosheid en lage opleidingen zijn totaal anders dan de ervaringen in mijn huidige woonomgeving. Ik herinner mij dat de kinderen uit de buurt in de lunchpauze met een boterham naar buiten renden om deze tijdens het spelen op te eten. Dit was voor mij een cultuurshock. Ik dacht aanvankelijk dat Nederlandse gezinnen geen tafelmanieren kenden. Maar als je je gezichtsveld verbreedt, begrijp je ook dat Nederland, net zoals alle andere landen in de wereld, zeer divers is en verschillende manieren kent. Ik heb nauwelijks moeite gehad met omgangsvormen.

De afgelopen maanden ben ik getroffen door veel waardigheid en zelfrespect bij vluchtelingen. Ook ben ik veel creativiteit en doorzettingsvermogen tegengekomen. Ik weet dat de omstandigheden vaak niet gemakkelijk zijn. Het is vaak fietsen met tegenwind. Maar gelukkig zijn er veel vluchtelingen die een prestatie van formaat neer willen zetten. Ik ben ook onder de indruk van de professionele begeleiding de vele gepassioneerde medewerkers van het UAF. Dit mag ook wel eens gezegd worden.”

Deel deze pagina


Blijf op de hoogte

Bent u geïnteresseerd in taal en carrière? Meldt u zich dan aan voor de nieuwsbrief van Regina Coeli en u ontvangt maandelijks onze laatste blogberichten in uw mailbox.