Etre et avoir

8 februari 2017
door Regina Coeli

‘Être’ en ‘avoir’ zijn de twee werkwoorden die het meest gebruikt worden in het Frans. Beide werkwoorden zijn onregelmatig en duiken in allerlei verschijningsvormen op. Geen wonder dat het voor iedereen die Frans leert een hele kunst is om deze wispelturige werkwoorden goed te gebruiken.

Neem nu deze voorbeelden: J’ai trente ans In het Nederlands zeg je dat je dertig jaar bent. Het lijkt dan ook logisch om dat direct naar het Frans te vertalen: Je suis trente ans. In het Frans zeg je echter: J’ai trente ans. De redenatie daarachter is dat een   leeftijd niet statisch is en dus geen eigenschap is: je hebt een aantal jaar achter je liggen.

 Meer voorbeelden:  
 j’ai peur de l’orage.  Ik ben bang voor onweer. 
 J’ai perdu mes clés.  Ik ben mijn sleutels kwijt.
 J’ai sommeil.  Ik ben slaperig
 Ils ont conscience de leur position.  Zij zijn zich bewust van hun positie.


Bent u geïnteresseerd in het volgen van een taaltraining Frans?

Wilt u goed Frans leren spreken en meer weten over het omgaan met de cultuurverschillen? Dan is een taaltraining Frans bij Language Institute Regina Coeli misschien iets voor u! 

Deel deze pagina


Blijf op de hoogte

Bent u geïnteresseerd in taal en carrière? Meldt u zich dan aan voor de nieuwsbrief van Regina Coeli en u ontvangt maandelijks onze laatste blogberichten in uw mailbox.