Spreken met lef: 7 vormen van zelfvertrouwen in een vreemde taal
Het zijn niet altijd de mensen met de meeste kennis van een vreemde taal die het woord voeren. Hakkelend en met een grote portie charme lijken ze een heel eind te komen, terwijl degene die wel echt kennis heeft van de taal (collega, partner, zoon of dochter) vooral luistert en zich ondertussen geneert voor alle fouten of juist een beetje jaloers is.
Zelfvertrouwen is een van de belangrijkste ingrediënten voor het spreken van een vreemde taal. Er zijn zeven vormen van zelfvertrouwen die invloed hebben op hoe vrij je in een andere taal communiceert. Welke vormen heb jij al ontwikkeld en waar ontbreekt het bij jou nog aan lef?
1. Het vertrouwen om te spreken
Ken je deze situatie: je zit in een overleg en begrijpt alles wat gezegd wordt. Je weet ook precies wat je wil zeggen. Terwijl het gesprek doorgaat, blijven jouw woorden in je hoofd malen. Kloppen de woorden wel? En dan gaat het alweer over iets anders…
De term spreekangst ken je vast wel. Je hebt liever spreekdurf. Veel mensen wachten met iets zeggen totdat ze het idee hebben dat hun formulering foutloos is. Spreken leer je niet door te wachten. Spreekdurf ontstaat wanneer je jezelf toestaat om al pratend verder te komen.
Vraag: Wanneer mag jij van jezelf iets zeggen in een vreemde taal? Hoe lang duurt het totdat iets bij jou ‘goed genoeg’ voelt?
2. Het vertrouwen dat een fout niet het einde van de wereld is
Om zeker te zijn van je zaak, kies je voor een eenvoudige formulering. En dat terwijl je eigenlijk een prachtige formulering in je hoofd had. Of die helemaal klopt, hoor je meestal pas als je ‘m uitspreekt. En dat doe je dan maar niet.
Als je fouten durft te maken, accepteer je dat leren zichtbaar mag zijn. Wie bang is voor fouten gaat vereenvoudigen of vermijden. Dat zegt niets over je taalniveau, maar alles over de ruimte die je jezelf geeft. Juist door fouten toe te laten, ontstaat er beweging en kun je vooruit komen.
Vraag: Wat zou er gebeuren als je jezelf toestaat om onvolmaakt te formuleren? Hoe vaak formuleer je iets niet helemaal perfect in het Nederlands?
3. Het vertrouwen dat je kunt overtuigen in een vreemde taal
Stel je licht een voorstel toe. In je moedertaal is dat geen enkel probleem, in een andere taal blijf je uit veiligheid misschien dichter bij de essentie en licht je je visie niet uitgebreid toe. Niet omdat je die niet hebt, maar omdat je twijfelt of je die overtuigend kunt overbrengen.
Je komt professioneel over in een vreemde taal als je je boodschap overtuigend en met nuance kunt overbrengen. Dat vertrouwen in je professionele communicatievaardigheden groeit als je ervaart dat je boodschap goed overeind blijft in een vreemde taal.
Vraag: Wanneer voel je dat je overtuigend bent in je moedertaal? Wat is ervoor nodig om datzelfde te voelen in een vreemde taal?
4. Het vertrouwen in jouw culturele wendbaarheid
Voordat je spreekt, weeg je je woorden. Hoe direct mag ik zijn in deze cultuur? Past een grap hier of kan ik maar beter serieus blijven? Je wil cultureel geen flater slaan door iets te zeggen wat in die situatie niet gepast is.
Heb jij er vertrouwen in dat je je goed kunt bewegen in een andere cultuur? Met kennis van de culturele codes kun je makkelijker spreken en reageren.
Vraag: In welke situaties ben je vooral bezig met hoe je overkomt?
5. Het vertrouwen dat je je goed hebt voorbereid
Herken je dit? Je gaat een gesprek in en komt maar niet op de juiste woorden. Je struikelt over formuleringen. En dan bedenk je je dat je dit had voorkomen door je even voor te bereiden…
Je gaat met meer zelfvertrouwen een gesprek in door vooraf na te denken over passende woorden en formuleringen die je kunt gebruiken. Dat geeft houvast en zorgt ervoor dat je niet twijfelt tijdens een gesprek.
Vraag: Wat geeft jou houvast in een gesprek? Hoe kun je dat voorbereiden?
6. Het vertrouwen dat je mag vragen en vertragen
Soms kom je in gesprek met iemand die heel snel spreekt en ook nog eens een accent heeft dat lastig kunt verstaan. Heb je het wel helemaal goed begrepen? Bluf je jezelf door het gesprek heen of durf je om verduidelijking te vragen?
In een gesprek kun je altijd vertragen. Stel vragen en check wat je denkt gehoord te hebben. Je denkt misschien dat je daarmee laat zien dat je de taal niet beheerst. Je geeft hiermee juist aan dat je actief luistert.
Vraag: Wat houdt je tegen om verduidelijking te vragen op het moment dat nodig is?
7. Het vertrouwen om jezelf te zijn in een vreemde taal
Je zegt wat nodig is en houdt het correct. Je komt duidelijk over, maar blijft dicht bij veilige formuleringen. In je eigen taal heb je je eigen stijl waar mensen jou voor waarderen. Je bent misschien grappig, spitsvondig of gezellig. Hoe klinkt dat in een andere taal en cultuur? Welke woorden en formuleringen zijn typisch jij?
Het duurt even voordat je authentiek kunt zijn in een andere taal. Met experimenteren kun je je eigen stem langzaam vormgeven. Een stem die past binnen een andere cultuur en toch heel authentiek is voor jou.
Vraag: Wie ben jij in je moedertaal, en wie mag je zijn in een andere taal?
Wat is jouw uitdaging?
En, wat denk je? Waar valt voor jou nog de meeste winst te halen? Welk type zelfvertrouwen heb jij vooral nodig om zonder belemmeringen te kunnen spreken?
Volg een communicatietraining in een vreemde taal
Bij Regina Coeli helpen we je graag om jouw zelfvertrouwen aan alle kanten te versterken. Tijdens een adviesgesprek met een trainer kun je bespreken waar jij aan wil werken.
Op basis van jouw leerdoelen stellen wij een communicatietraining voor jou samen. Met aandacht voor taal, cultuur, jouw communicatieve vaardigheden en jouw zelfvertrouwen. Zo leer je niet alleen de taal, maar durf je die ook met meer rust en overtuiging te gebruiken.
Bekijk de taaltrainingen